Boek: Birk van Jaap Robben

Jaap Robben publiceerde ergens in 2014 zijn eerste roman, genaamd Birk. Daarvoor schreef hij geloof ik kinderboeken, maar dat maakt voor het verhaal niet bijzonder veel uit. Er stonden in ieder geval geen plaatjes in van heksen en dino’s, wat voor sommige mensen misschien een teleurstelling zal zijn. Niet voor mij, want ondanks dat ik van dino’s houd, komt het dit boek wel ten goede dat er daar geen plaatjes van instaan. Het boek gaat namelijk helemaal niet over dino’s.

Waar het boek wel over gaat? Een jongetje genaamd Mikael, die samen met zijn ouders en de buurman op een afgelegen eiland ergens tussen Schotland en Noorwegen woont. Het boek begint op de dag dat Mikael thuis komt zonder zijn vader, Birk. Beetje bij beetje vertelt hij zijn moeder wat er gebeurd is met zijn vader toen zij samen weg waren. Zijn moeder houdt Mikael verantwoordelijk voor de verdwijning van zijn vader, waardoor de relatie tussen moeder en zoon ontwricht. Naarmate de tijd verstrijkt wordt het steeds duidelijker dat Mikael een vaderfiguur mist op het verlaten eiland en dat zijn moeder steeds meer van haar man herkent in haar zoon. Hoe dat afloopt? Lezen.

Dan nu een random quote: ” Onze scheurkalender was bij de dag dat papa verdween, blijven steken. Na maanden nam mama hem van de spijker en wierp hem in de kachel. Het vuur stikte bijna in zijn eigen rook. De meeste dingen veranderden niet. Mama bleef soep kopen voor drie.”

Advertenties

Hoe ik mijzelf ga leren om een vogeltje te zijn.

Ik heb sinds kort een grotemensenbaan en als gevolg moet ik acht uur per dag werken. Nu ben ik in de ochtend mega efficiënt, maar in de middag iets teveel bezig met de wolken buiten en het drinken van koffie. Laatst bedacht ik mij onderweg naar het koffiezetapparaat dat het heel slim zou zijn om vroeger te beginnen, want dan werk ik meer uren voor de lunch en heb ik dus meer efficiënte uren in een dag. Bovendien kan ik dan eerder naar huis om nuttigere dingen te doen dan het bewonderen van de wolken buiten. Om kippensoep te maken of zo.

Vroeger opstaan is in theorie een briljant plan, maar in praktijk een hel. Ik heb een intense liefdesrelatie met mijn bed en het afscheid valt me iedere ochtend zwaar. Zo zwaar, dat ik het mijn hoofd niet wijs kan maken dat zes uur een goed tijdstip is om huppelend het bed uit te springen om de groet van de vogels buiten de beantwoorden. Zo werkt mijn hoofd niet. Gelukkig is mijn hoofd ook weer best makkelijk om de tuin te leiden, dus dat is dan ook mijn tactiek voor komende weken.

Strategie 1: Ik heb geen flauw idee wanneer het licht word, maar ik houd mijn gordijnen open – en hoop dat ik geen enge achterbuurman heb die foto’s maakt van mij als ik slaap – zodat mijn hoofd het licht ziet en denkt dat het moet opstaan. Mocht het veel te lang donker blijven, dan wordt mijn plan B om zo’n lamp te kopen.

Strategie 2: Als ik uit bed strompel ga ik eerst rustig op een stoel zitten en voor mij uit staren in de hoop dat ik niet al zittend in slaap val, maar juist rustig de tijd heb om wakker te worden. Alle websites over ochtendpersonen zeggen dat je in de ochtend dingen moet doen als yoga en rustig het nieuws lezen, maar dat lijkt me niks. Dus doe ik het niet. Ik ga ook geen rondjes rennen. Of chiazaadjes eten. Ik wil zo vroeg opstaan als een vogeltje, niet hetzelfde dieet volgen.

Strategie 3:  Snooze, wat is dat?

Strategie 4: Op tijd gaan slapen. Dit lijkt een open deur en dat is het ook. Ik ga gewoon proberen te wennen aan mijn burgerbestaan en duik lekker vroeg mijn bed in. Misschien neem ik zelfs wel de moeite om te leren haken zodat ik fijn mijn eigen plaid kan punniken in bed voor het slapengaan bij wijze van avondritueel.

Strategie 5: Bedenk een goede reden om op te staan. Mijne voor morgen? Pannenkoeken als ontbijt! Oh, en stiekem ga ik denk ik in mijn ondergoed op Beyoncé dansen, want er is toch niemand thuis.

Boek: Me Before You van Jojo Moyes

Vroeger las ik heel veel, maar toen opeens heel lang bijna niet meer. Wat ik tegenwoordig wel veel doe vergeleken met vroeger is huilen. Misschien zit er een correlatie tussen die twee, maar ik denk het eigenlijk niet, want als ik iets graag doe is het lekker huilen om een boek. Of althans, liever dan om een dode opa/oma/goudvis; Het lege gevoel van al je emoties eruit gegooid te hebben, maar niet de pijn die je anders ervaart als je moet huilen.

Afgelopen lente ging ik naar Nieuw-Zeeland en las ik belachelijk veel boeken voor iemand die op reis is (24). Alhoewel, ook weer niet abnormaal veel gezien het feit dat ik op reis was met een jongen die graag vist. Ik hou niet bijzonder veel van vissen, dus besteedde ik mijn tijd aan het lezen van boeken. Ik besloot om ook als ik terug was te blijven lezen. Ik vond lezen minstens net zo leuk als vriendlief het vissen, dus dan kun je het best tellen als een volwaardige hobby. Toch?

Ik had het bovenstaande boek eigenlijk al afgeschreven om zijn voorkant (want: meisjesachtig) en cliché verhaal op de achterkant (ware het niet dat ik een e-reader heb en er helemaal niks op de achterkant staat), maar aangezien ik in de lange reis naar zeeland toch niks beters te doen had, begon ik met weinig tot geen positieve verwachtingen aan het boek. Man, wat had ik het mis. Ik was nog niet eens bij Rotterdam Centraal of de tranen liepen over mijn wangen. Dit was een boek wat ik niet neer kon leggen en de uren nadat ik het uit had door mijn hoofd spookte.

Ik kan over dit boek nog heel veel zeggen, maar dat doe ik niet. Ik heb vertrouwen in jullie Google-capaciteiten. Het enige wat ik nog wil zeggen: ga dit lezen.

Doei!